Ga door naar hoofdcontent
Artikelen‘Fietsen en openbaar vervoer zijn hot topics in Nieuw-Zeeland’

‘Fietsen en openbaar vervoer zijn hot topics in Nieuw-Zeeland’

Maandag 18 maart 2019

Fietsexpert Peter Siemensma werkt na jaren als transport planner in Londen sinds kort in diezelfde functie in Nieuw-Zeeland, in de stad Tauranga. Hij richt zich daar op het verbeteren van de fietsinfrastructuur en het openbaar vervoer. In dit interview vertelt hij over de projecten die hij deed in Londen, over zijn nieuwe takenpakket bij Tauranga City Council en deelt hij zijn carrièretips met jonge geografen.

Deel I: Van Leeuwarden naar Utrecht

Je hebt planologie gestudeerd in Utrecht, kwam je daar uit de buurt?
Nee, ik kom uit Leeuwarden en daar is geen universiteit, dus ik moest sowieso op zoek buiten de provincie. Tegen het einde van mijn middelbareschooltijd maakte ik allerlei lijstjes met wat ik leuk vond, en wat ik met mijn vakkenpakket kon, en daar kwam sociale geografie en planologie wel met stip op één uit. Ik heb op drie van de vier universiteiten waar geografie aangeboden wordt rondgekeken en meeloopdagen gedaan en Utrecht sprong er wel meteen bovenuit. De faculteit en de sfeer op de Universiteit spraken me aan en het was een van de grotere opleidingen waardoor je meer keuzevakken had. De stad an sich was voor mij minder belangrijk, maar was een hele mooie bonus.

Ben je achteraf blij met de keuze voor planologie?
Ja, ik zat er enorm op mijn plek. Ik hou van stedelijke vraagstukken. Je bent op de studie – logischerwijs – omringd door mensen met dezelfde interesse en een aantal van mijn voormalig studiegenoten zijn nog steeds mijn beste vrienden.

Deel II: Van Utrecht naar Londen

Na je studie ben je de arbeidsmarkt opgegaan en afgaande op je LinkedIn-profiel lijkt het alsof je heel wat functies en rollen hebt gehad in de loop der tijd, die eigenlijk allemaal samenhangen met transport. Hoe zag je carrière er tot dusver in een notendop uit?
Het lijkt op mijn LinkedIn inderdaad of ik veel banen heb gehad, maar eigenlijk valt het erg mee. Ik heb maar voor twee bedrijven gewerkt voordat ik naar Nieuw-Zeeland vertrok. Eerst werkte ik via een detacheringsbureau bij DHV/RoyalHaskoningDHV en later werd ik overgenomen door dat bedrijf. Dat betekende in theorie een nieuwe baan, maar ik werkte in hetzelfde kantoor. Daarnaast had ik detacheringsprojecten bij NS en Prorail, dus dat waren ook eigenlijk geen ‘nieuwe’ banen. Toen ik later voor een baan naar Londen vertrok, was dat ook nog steeds voor RoyalHaskoningDHV. Wel een nieuwe rol, maar hetzelfde bedrijf. Pas toen ik in Londen de overstap maakte naar Arcadis, heb ik officieel een nieuwe werkgever gekregen. En recent hier in Nieuw-Zeeland wederom een nieuwe baan. Dus ondanks dat dit mijn ‘derde’ werkgever is, heb ik een heel divers palet aan projecten gedaan in mijn carrière tot dusver.

Wat vond je van al die detacheringen?
Heel erg interessant, daar leer je super veel van!

Wat is jou het meest bijgebleven?
Dat is een van mijn laatste projecten voor Transport for London (TfL), wat wederom een detachering was (vanuit Arcadis). Dit was een project op het gebied van grote stations, overstaphubs, voor het openbaar vervoer. Dat was een van de gezelligste teams waarmee ik heb bewerkt. Het was altijd gezellig op kantoor en mijn manager was geweldig. Soms is een heel leuk team hebben belangrijker dan de inhoud van het werk.

Waarom koos je er eigenlijk voor om naar Londen te gaan?
Het laatste project dat ik deed in Nederland was voor NS en Prorail was ook met een heel erg leuk team, maar inhoudelijk was het op de lange termijn niet echt iets voor mij. Het ging over wissels en seinen – wat echt wel interessant was – maar ik wilde geen specialist in spoorbeveiliging worden. Dit was te ‘IT’ voor mij. Dus dat was één.

De tweede reden gaat langer terug. Mijn masterscriptie heb ik in Hongkong geschreven en daar merkte ik dat ik het erg leuk vond om een tijdje in het buitenland te zitten. Ondanks mijn werk in Nederland is dat idee nooit weggegaan.

Die twee redenen in combinatie met een bedrijf dat vestigingen heeft over de hele wereld, gaf me de motivatie om te gaan zoeken naar andere opdrachten buiten Nederland. Er was destijds een vacature in Londen, met veel kansen om Nederlandse fietsexpertise daar toe te passen.  Op een aantal vlakken moest ik weer als starter aan de slag, want je kunt je ervaring uit Nederland niet een-op-een toepassen in het buitenland natuurlijk.

Wat heb je daar precies gedaan?              
De ‘fiets’ was een ambitie, en door middel van een aantal artikelen en presentaties heb ik daarin langzaam naam kunnen maken en een aantal kleine projecten kunnen doen. Daar kon ik echter niet volledig aan werken. Het grootste deel van mijn werk was daarom als transport planner in een ‘commonwealth context’. Die rol bestaat eigenlijk helemaal niet in Nederland. Wat er in Nederland het meest in de buurt komt, zijn de vervoersplanologen. Daar bestaan er niet zo veel van in Nederland, terwijl het in het Verenigd Koninkrijk juist heel veel voorkomt. In het Verenigd Koninkrijk is de ruimtelijke ordening heel erg marktgedreven. Hetzelfde geldt voor Nieuw-Zeeland overigens. Zodra een projectontwikkelaar een stuk land op het oog heeft dat hij wil ontwikkelen, dat gaat hij als het ware een soort strategische business case maken voor de overheid, om die ervan te overtuigen dat zijn plan heel goed past bij het beleid van de stad. In Nederland is het daarentegen andersom. Een gemeente of provincie bepaalt hier wat waar komt en een projectontwikkelaar komt pas in beeld als er al wegen liggen en er een stukje land verkocht kan worden.

Om die strategische business case in het Verenigd Koninkrijk zo goed mogelijk te krijgen, huren projectontwikkelaars ongeveer voor elk project een transport planner in om een soort betoog te schrijven gebaseerd op allerlei gegevens en statistieken dat dat wat zij van plan zijn eigenlijk heel goed past. Om een bouwvergunning te krijgen, moeten ze onder andere een transportonderzoek doen. Dat is het type werk dat ik de eerste jaren vooral heb gedaan en heeft me heel veel geleerd over hoe infrastructuur tot stand komt in een Britse context, de voordelen, maar vooral ook de nadelen van zo’n marktgedreven systeem.

Deel III: Van transport planner naar fietsexpert

Inmiddels ben je een echte fietsexpert, hoe is dat zo gekomen?                
In Nederland had ik ook al een aantal fietsprojecten gedaan en die vond ik erg leuk. In het Verenigd Koninkrijk zijn ze zeer geïnteresseerd in Nederlandse fietsexpertise. Zeker in een stad als Londen is er bijna geen ruimte meer voor nieuwe autowegen en metrolijnen, maar fietspaden zijn daarentegen een relatief goedkope en makkelijke manier om duizenden mensen te vervoeren. Toen ik de overstap naar Arcadis maakte, kon ik me echt op de fiets storten. Arcadis is ook een Nederlands bedrijf en daar werd ik in Londen aangenomen als fietsadviseur. Op basis van mijn Nederlandse kennis heb ik trainingen gegeven, lezingen op conferenties en natuurlijk aan diverse projecten gewerkt. Eén project is me erg bijgebleven. Dat is een fietsbrug over de Theems in Londen, van Rotherhite naar Canary Wharf, de Londense versie van de Zuidas. Is dat haalbaar? Hoe duur zou het zijn? En hoe moet het eruit zien? Daarvoor was ik de fietsadviseur, om op strategisch niveau mee te denken. Hoe breed moet de brug zijn? Hoeveel mensen zullen er gebruik van maken? En wat als de brug open moet voor scheepvaart? Allerlei vragen die echt heel uitdagend waren om over na te denken. Dit was een project namens Arcadis, in opdracht van Transport for London.

De locatie van de gewenste fietsbrug. (Bron: The Rotherhithe to Canary Wharf Crossing – Background to Consultation Report – November 2017.)

Je zit nu een paar maanden in Nieuw-Zeeland, hoe ben je daar terechtgekomen?
Ik ben niet uit Londen weggegaan omdat ik het er niet meer leuk vond. Een van de redenen om te vertrekken was een onvergetelijke reis die ik jaren geleden door Australië heb gemaakt. Er woont familie van mij en ik zag mezelf daar ook wel wonen. Dus eigenlijk was Australië eerst mijn uitgangspunt. Die wens had ik zelfs al voordat ik naar Londen vertrok. Na dik vier jaar in Londen ging dat weer kriebelen. Ik dacht: ik moet het voor altijd vergeten of het nu gaan doen. Dat eerste lukte niet. Toen ben ik anderhalf jaar geleden begonnen met oriënteren op banen in Australië. Maar hoe meer ik leerde over Australië, hoe meer ik leerde dat het type werk dat ik zocht, namelijk fietsen en openbaar vervoer, daar slechts een bijzaak was. Ik voerde veel skypegesprekken en hoorde keer op keer dat er veel meer werk Nieuw-Zeeland zou zijn in mijn vakgebied. Daar hadden ze net een nieuwe regering, met een links en groen beleid. Fiets en openbaar vervoer is daardoor een ‘hot topic’ en er is veel meer werk en politieke wil dan in Australië. Toen ben ik daar gaan zoeken en merkte ik dat het verkrijgen van een wer visum ook makkelijker is dan in Australië. Ik heb toen gesolliciteerd op een aantal functies en had ineens de luxe dat ik uit meerdere banen kon kiezen.

En waarom de stad Tauranga? Ik had er eigenlijk nog nooit van gehoord.                 
Het meeste werk bij adviesbureaus in Nieuw-Zeeland is in de grootste stad: Auckland.  Maar na een paar jaar in Londen vond ik het ook interessant om in een kleinere stad aan de slag te gaan aan de kant van de overheid te staan. Toen kwam Tauranga bovendrijven met een vacature: een relatief kleine stad direct aan het strand met relatief weinig heuvels dus ideaal om te fietsen, en bovendien had de stad recent een ambitieus fietsplan opgesteld. Ik heb ze gebeld voordat ik überhaupt een brief ging schrijven en heb toen een heel interessant gesprek gehad met de teamleider, over wat ik zou kunnen betekenen voor het openbaar vervoer en de fiets. Dat bleek eigenlijk precies te zijn wat ze zochten. En zo viel uiteindelijk de keuze. Ik zit hier ineens aan de andere kant van de tafel, niet aan de kant van de markt maar aan de kant van de gemeente. Dat vind ik ook harstikke leuk na 12 jaar, om op een andere manier naar projecten te kijken. Tot nu toe bevalt dat me ook erg goed.

Wat valt er precies binnen jouw takenpakket?
Net als in het Verenigd Koninkrijk is de ruimtelijke ordening hier zeer marktgestuurd. Ik denk mee over nieuwe ontwikkelingen, maar dan vanuit de overheid. Zo werk ik hier aan nieuwe groeilocaties, vergelijkbaar aan Vinex wijken in Nederland.  Net als in London is de rol van private ontwikkelaars hier erg groot. Ik moet ervoor zorgen dat private ontwikkelaars de nieuwe wijk zodanig realiseren dat er goede ov-verbinding en juiste fietsvoorzieningen komen.

Ik werk ook aan het opstellen van parkeerbeleid. Dat klinkt niet als een ov of fietsproject, maar is het juist enorm. We proberen beetje bij beetje het enorm hoge autobezit terug te dringen, en daarmee nieuwe fietsroutes en businfrastructuur te helpen. Een van de grootste knelpunten is bijvoorbeeld een sterk ‘NIMBY’ effect: de meerderheid wil een graag een veilige fietsroute of een busbaan, maar niet ten koste van een parkeerplaats vlak direct voor hun winkel of hun huis.

Daarnaast ben ik contactpersoon voor het openbaar vervoer in de stad. Het is een stad van zo’n 140.000 bewoners, die enorm uitgestrekt is. Het heeft een heel lage bevolkingsdichtheid. Alles wat met het ov te maken heeft ligt op mijn bordje. Hoe gaan we nieuwe ov-voorzieningen creëren? En hoe kunnen we zorgen dat bewoners overstappen van de auto op duurzamere vervoersmiddelen als het ov en de fiets? Parkeren is hier bij het strand bijvoorbeeld nog volledig gratis. Onvoorstelbaar bijvoorbeeld in Scheveningen. Tauranga is een van de meest auto georiënteerde steden van Nieuw-Zeeland en dat geeft een mij dus een leuke uitdaging. Alles wat je hier namelijk doet op het gebied van het ov en de fiets, is een verbetering.

Deel IV: Carrièretips

Wat voor tips heb je voor geografen aan het begin van hun carrière?       
Probeer zo veel mogelijk mensen te spreken, zoals ik met die skypegesprekken heb gedaan. Hoe meer je praat met mensen, hoe beter je erachter komt wat je wilt en in welke organisatie of welke stad dat het beste zou kunnen. Iedereen heeft een passie, iedereen heeft ervaringen. De meeste mensen praten graag over hun werk en het is ook heel leuk om daarnaar te luisteren. Wacht niet af totdat er een leuk project jouw kant op komt, maar zoek er actief naar. Laat aan je collega’s weten wat voor type projecten jouw interesse hebben!

En probeer nooit te wedden op één paard. Hou je opties open en beslis dan wat het beste bij je past. Wees niet bang om in het diepe te springen. En misschien is dat niet eens de allerbeste keuze, maar in het ergste geval leer je er wat van. Op een gegeven moment vind je wel je plek.

Hoofdfoto: Tauranga Cycle Plan (blz 19).

Reacties

    Plaats een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.