Ga door naar hoofdcontent
ArtikelenGeheimen van de zeebodem
Maritiem Instituut Willem Barentsz en Skilltrade

Geheimen van de zeebodem

Vrijdag 17 september 2021Afbeelding Geheimen van de zeebodem

Dr. Furu Mienis gaf op 19 april 2021 bij Studium Generale van Universiteit Utrecht een lezing over ‘de Geheimen van de zeebodem’.

Dr. Furu Mienis.

Nederland heeft een belangrijk verleden als het gaat om de kartering van de diepzee, onder andere door de vooroorlogse Sibogaen Snellius-expedities in de wateren van de Indische archipel. Zelfs na de overdracht van Nieuw-Guinea heeft Nederland nog tot in de jaren ’70 officieel geparticipeerd in de productie van bladen van de Zuidwest-Pacific van de General Bathymetric Chart of the Oceans (de GEBCO). En in de jaren ’80 heeft Nederland samen met Indonesië op de Snellius II-expeditie diepzee-onderzoek gedaan. Die laatste expeditie was al een activiteit van het NIOZ, het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zee-onderzoek op Texel. Daar is dr. Mienis aan verbonden als marien geoloog. Zij specialiseert zich in de koolstofkringloop in de diepzee.

Mienis begon haar lezing met de belangrijke rol die de oceanen spelen door hun invloed op het klimaat, transport, biodiversiteit en visserij, en mogelijk straks ook de mijnbouw. Voor we dat laatste toestaan is het essentieel dat we meer weten van de van de diepzee(bodem). Daarom gaf Mienis eerst een overzicht van de opnametechnieken van de zeebodem; eerst met lodingen, vervolgens met echolodingen, eerst single beam en later multibeamsystemen, en tegenwoordig ook met ‘floats’: drijvende onbemande opnameplatforms. Daardoor leren we niet alleen het reliëf maar ook de bodems van de diepzee kennen. Met deze technieken is nu zo’n twintig procent van de diepzee in kaart gebracht.

De Whittard canyon ten westen van Ierland, met op dezelfde schaal de Grand Canyon.

Vervolgens nam Mienis ons in haar wervelende voordracht mee naar haar onderzoeksgebied ten westen van Ierland. Aan de rand van het continentale plat komen grote canyons voor en koudwaterkoraalriff en (‘regenwouden van de diepzee’), die zeker een zelfde deel van de zeebodem bedekken als tropische koraalriff en. Ze worden soms wel 350 meter hoog en vormen een perfecte, beschermende omgeving voor allerlei levensvormen.

Het belangrijkste van haar voordracht was dat ze liet zien hoe de gedetailleerde kaarten van de diepzeebodem uit haar onderzoeksgebied gebruikt worden om inzicht te krijgen in het transport van voedsel, het vervoer van koolstof en het gedrag van stofstormen op de zeebodem. Dat laatste is met name gericht op de verwachte diepzeemijnbouw in de nabije toekomst. Daarbij wil men zeldzame metalen op de diepzeebodem mijnen. Voordat dat werkelijkheid wordt, is het gewenst dat we enig inzicht krijgen in de effecten daarvan op het diepzeemilieu.

Afbeelding voor Ferjan Ormeling

Ferjan Ormeling

Volledige biografie