Ga door naar hoofdcontent
ArtikelenGeodelta: innovatie in traditie
Bedrijfsreportage

Geodelta: innovatie in traditie

Dinsdag 29 maart 2022Afbeelding Geodelta: innovatie in traditie

Zoals zoveel dingen in het leven – en zeker in het leven van een vakblad – zijn er van afstand beschouwd en in de tijd gezien golfbewegingen waar te nemen. Een van deze golven wordt nu weer zichtbaar: na een tijd van afwezigheid hebben we in de redactie besloten om de rubriek ‘Bedrijfsreportages’ weer nieuw leven in te blazen. Omdat we denken en gezien hebben dat er in de laatste vijftien tot twintig jaar veel veranderd is in het kleurrijke landschap van geobedrijven.

Waar eerder de grote gerenommeerde en geïnstitutionaliseerde ingenieursbureaus de maat sloegen in trends en ontwikkelingen, zien we dat nu vooral kleine, lenige bedrijven die rol opeisen. Soms disruptief, soms voor de volle honderd procent voortbouwend op oude tradities, en altijd met nieuwe inzichten en middelen. Innovaties die ons allemaal weer verder helpen om de wereld nog mooier te maken. Vandaag waren we op bezoek bij Geodelta in Delft.

Heilige grond

Het statige ‘Gebouw voor Geodesie’ kijkt nog altijd fier uit over het kanaal in Delft. Ontworpen in 1890 op verzoek van dr. Ch. M. Schols, de toenmalige hoogleraar landmeten, waterpassen en geodesie, heeft het gediend als bakermat voor de geodesie in Nederland. Zowel de Rijkscommissie voor Graadmeting en Waterpassing, de afdeling Geodesie van de Technische Hogeschool Delft, de Rijksdriehoeksmeting van het Kadaster, de Meetkundige Dienst van Rijkswaterstaat en het ITC vonden er hun onderkomen. Sinds 2003 werd het gebouw niet meer door geodeten bewoond, totdat Geodelta er een maand voor het aanbreken van de coronacrisis zijn intrek nam.

Het is een flinke klim naar de tweede verdieping, de plek waar ooit het Laboratorium voor Geodetische Rekentechniek zat. Daar tref ik nu het kantoor van Geodelta. Ik word verwelkomd door Martin Kodde, de huidige directeur en eigenaar van het ingenieursbureau. “We hadden een nieuw en groter kantoor nodig. Hiervoor zaten we op een prachtige plek, midden in het centrum van Delft. Eigenlijk kon daar geen enkel ander gebouw aan tippen, behalve deze locatie. We worden hier letterlijk omgeven door geodetische historie. Dat inspireert enorm.”

Historie

Geodelta zal voor vele lezers van het blad geen onbekende naam zijn. Opgericht in 1984 door Robert Kroon, was het één van de eerste bedrijven die de aan de TU Delft ontwikkelde ‘Delftse School voor Vereffening en Toetsing’ vertaalde in praktisch hanteerbare software, en: er was een grondige kennis van fotogrammetrie aanwezig. Juist in het begin van dat decennium werden de eerste succesvolle stappen gezet in het automatiseren van processen. In 2018 is het bedrijf door Martin overgenomen. “Ik denk dat zowel Robert als ik op het punt in onze carrière zaten dat we toe waren aan iets nieuws. Diverse activiteiten van Geodelta waren aan het Kadaster overgedragen. Robert stond voor de vraag hoe hij het bedrijf de komende jaren verder zou gaan leiden. Ikzelf wilde graag meer met de inhoud bezig zijn. Het overnemen van Geodelta was hiervoor een prachtige kans.”

Opname detail spoortracé ProRail

Toekomst

“Natuurlijk is er veel veranderd met de overname van Geodelta. Maar de kernwaarden staan nog steeds fier overeind. We zijn boven alles onafhankelijk. Je zult ons nooit buiten zien in een oranje hesje om een meting uit te voeren. Dat betekent dat wij écht onafhankelijk kunnen adviseren over geodetische vraagstukken. Onze klanten zijn organisaties voor wie kwaliteit er echt toe doet. Bijvoorbeeld omdat er een toezichthouder is, zoals de ACM bij Gasunie of de ILT bij ProRail. Of omdat de risico’s groot zijn. Dat is bijvoorbeeld het geval bij deformatiemetingen. Ook onze controles op het AHN4 vind ik hiervan een mooi voorbeeld. Je moet er niet aan denken dat er een peilbesluit wordt gebaseerd op laserdata die een verkeerde hoogte hebben.”

“Wij helpen onze klanten met advies en met software. Ons advies bestaat uit het schrijven van bestekken, het uitvoeren van kwaliteitscontroles en het doen van onderzoek.” Innovatie staat hierbij centraal. “Er worden steeds meer data ingewonnen tegen steeds lagere kosten. Hierop moet je met de kwaliteitscontroles anticiperen. Deze moeten betaalbaar, snel en compleet zijn. Dit doen we door onze controles volledig te automatiseren. Zo kunnen we razendsnel betrouwbare uitspraken doen over de kwaliteit van geodata. Dit doen we bijvoorbeeld voor het AHN4, ProRail en voor vele gemeenten met ons Luchtfotocertificaat. Ik durf te stellen dat we op dat vlak verder zijn dan veel producenten van data.”

Omnibase spoortracé

Vraagstukken

“Vanuit ons advieswerk merken we dat er vraagstukken zijn die opgelost kunnen worden met geodetische kennis. Hier spelen we op in door zelf software te ontwikkelen, gebaseerd op die Delftse School die in dit pand is ontwikkeld. Zo maken we software voor de politie voor fotogrammetrische verkeersongevallenanalyse. Voor hen is vanwege de rechtszekerheid vooral geometrische betrouwbaarheid enorm belangrijk. Juist op dat vlak hebben we als geodeten een prachtige theorie waar we onze software op kunnen baseren. En ook bij de politie geldt dat juist de kwaliteit, betrouwbaarheid en snelheid van de getoetste informatie cruciaal is in hun bedrijfsvoering.

Recent hebben we ook een nieuwe methodiek ontwikkeld voor het monitoren van kademuren. Het is mooi om met dergelijke programma’s de landmeter nog stoerder te kunnen maken. Zeker als je bedenkt dat onze programmeurs hiervoor regelmatig naslagwerken van zestig jaar oud moeten openslaan. Al die kennis blijkt nog steeds relevant. Onder de motorkap van onze nieuwste cloud-software zitten nog steeds de formules van professor Baarda.”

Onderscheidende elementen

Tijdens een rondleiding laten Sjoerd Staats en Stijn Lodder zien hoe een fotogrammetrische deformatieanalyse van kademuren werkt. Prachtige visualisaties met foto’s en puntenwolken verschijnen in de browser. Duizenden puntjes op de kademuur tonen de deformatie op die locatie, elk met een precisie van 2 tot 3 millimeter. Naast mooie plaatjes zijn er ook lange logbestanden, met daarin de F-toets en w-toetsen van vereffeningen met meer dan 100.000 waarnemingen.

Wat mij opviel, is dat het onderscheidende van dit bedrijf juist zit in een paar belangrijke elementen: men begrijpt de materie en de vraagstukken van de klant. Daardoor is vervatten in software mogelijk, en kan men onafhankelijk en verifieerbaar adviseren. Dit zijn wezenlijke en onderscheidende elementen die kunnen worden ingezet bij testprogramma’s over compliancy, waarin getoetst wordt of er is voldaan aan vooraf aangegeven specificaties, en bij risicomanagement van bijvoorbeeld het monitoren van de eerder genoemde kademuren.

Opname deformatiemeting kademuur Amsterdam.

Hart van de geodesie

Ter afsluiting van mijn bezoek op deze bijzondere locatie geeft Martin een rondleiding door de toren van het gebouw, waarin vele historische instrumenten worden bewaard. Deze zijn van De Hollandse Cirkel, een stichting voor het behoud van geodetisch erfgoed. Het pronkstuk is de koepel met sterrenwacht. Ooit werd hier de Nederlandse Tijd vastgesteld. Nu staat er nog een Zeiss-sterrenkijker uit 1930. Overigens is deze toren – juist vanwege de astronomische waarnemingen – op een wel heel bijzondere wijze gefundeerd: compleet geïsoleerd van de rest van het immense gebouw, staat deze toren als het ware ingekapseld tussen de verdiepingen en gangen waar ooit Vening Meinesz en Schermerhorn de gietijzeren trappen op en af gingen. Om hun colleges voor te bereiden of hun waarnemingen te verifiëren. Hier klopt het hart van de geodesie.

Observatiekoepel met sterrenwacht op het Gebouw der Geodesie.

Historische lijn

Gevraagd naar de betekenis van en het bewustzijn over de historische lijn, stelt Martin: “Vakmanschap bestaat voor mij uit vier componenten: kennis, vaardigheden, kunde en houding. Kennis en vaardigheden veranderen met de tijd. De meeste instrumenten in het depot van De Hollandse Cirkel kan ik niet meer bedienen. En onze programmeurs kunnen met analoge rekenmachines echt niet meer uit de voeten. De kunde en houding zijn echter van alle tijden. De vraagstukken waar wij nu aan werken, zijn niet wezenlijk anders dan wat hier tientallen jaren geleden werd onderzocht. Het verschil is alleen dat er toen eens in de vijf jaar een analoge fotogrammetrische vlucht was, met zestig procent overlap en een hele beperkte rekencapaciteit. Nu hebben we wekelijks drone-opnamen met meer dan tachtig procent overlap, en blijkt zelfs de rekencapaciteit in de cloud soms te beperkt.”

Op de reis terug naar huis zat ik nog wat te mijmeren. Vooral over de afsluitende opmerking van Martin. Deze klinkt bijna als excuus. Alsof we er nog niet zijn. Nee, dat klopt en dat is maar goed ook! Op het moment dat je denkt dat je er bent, ben je er geweest. En dat is nu het aardige van dit type bedrijven: er is een enorm sterk bewustzijn voor de ontwikkelingen en de reactie hierop is lenigheid. Met meer data, nog meer softwarematige rekenkracht en nog meer verschil makende inzichten en adviezen, hebben we een bedrijf dat indruk wekt in ons midden.

Auteur

Afbeelding voor Roelof Keppel

Roelof Keppel

Roelof Keppel is de hoofdredacteur van het magazine Geo-Info.

Volledige biografie

Reacties

    Plaats een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.



    Gesponsorde berichten