Ga door naar hoofdcontent
BlogsEen lesje toegankelijk maken van open geo-data tot ver buiten ons domein

Een lesje toegankelijk maken van open geo-data tot ver buiten ons domein

Zaterdag 1 februari 2020Afbeelding Een lesje toegankelijk maken van open geo-data tot ver buiten ons domein

Op 27 december 2019 verscheen het zoveelste bericht in de media dat verwees naar de 3D-BAG-data die iedere maand worden geactualiseerd en gepubliceerd als open data. Deze service werd door onze groep in Delft ontwikkeld in 2018 [1], maar wordt sinds augustus 2019 massaal gevonden. Naast de aandacht in de media ging berichtgeving over deze data ook nog eens ‘viral’ na (re)tweets door mensen met honderdduizenden volgers op Twitter zoals Alexander Klöpping.

Het is een veelgehoorde, maar vaak moeilijk realiseerbare ambitie binnen ons vakgebied: veel non-geo-professionals bereiken met en enthousiast maken over geodata. Waarom lukte dat deze keer en wat kunnen we daarvan leren?

Het alleen openzetten van geo-data is niet voldoende om het grote publiek te bereiken. De 3D-BAG-data werden breed zichtbaar, omdat een Engels visualisatiebedrijf (Parallel) in augustus 2019 een 3D-interface publiceerde die de 3D-BAGpanden inkleurt op bouwjaar [2]. Hierdoor krijg je een simpel maar duidelijk overzicht in 3D van de ontwikkeling van steden en dorpen in heel Nederland en worden de data door een heel ander publiek gevonden dan het (doorgaans professionele) publiek dat PDOK of de BAG-viewer weet te vinden. De visualisatie is sinds het beschikbaar komen in juni 2019 meer dan honderddertigduizend keer bekeken.

Dit voorbeeld laat ook zien dat het beschikbaar stellen van specifieke data meerwaarde kan bieden die van tevoren niet altijd te voorspellen is. Voor veel Twitteraars was dit de eerste kennismaking met de BAG en was het een (aangename) verassing dat de overheid zulke data heeft en beschikbaar stelt: ‘vet’, ‘cool’, ‘blijf ernaar kijken’, ‘wow’ en ‘ongelooflijk’.

Het doel van de 3D-BAG-data, die mogelijk gemaakt zijn door de BAG en AHN, is om in een behoefte te voorzien van landsdekkende, actuele 3D-data over gebouwen. In de data zijn verschillende referentiehoogtes opgenomen per gebouw (evenals kwaliteitsinformatie), zodat een gebruiker de data gericht kan gebruiken in de toepassing.

We hadden niet voorzien dat een enorme interesse in de 3D-BAG-data zou worden gewekt door een simpele 3D-visualisatie van het bouwjaar (uit de BAG) die hierdoor mogelijk werd. Het resultaat is een interactief eenvoudig overzicht van de stedelijke ontwikkeling in Nederland over eeuwen heen dat door veel professionals en non-professionals buiten ons domein interessant wordt gevonden en als zodanig wordt bevraagd.

Het recente artikel in het Noordhollands Dagblad gaat bijvoorbeeld over de woningnood en beargumenteert dat bouwen in Zaanstad in 2020 hard nodig is omdat op de ‘kaart van TU Delft te zien is dat er sinds 2015 nauwelijks iets meer is gebouwd’. Het Eindhovens Dagblad beschrijft hoe je ‘via een leuke speeltuin kunt ontdekken wanneer je huis is gebouwd’. De website van De Doornerburger schrijft: ‘Op de TU Delft lopen er een paar rond die alle gebouwen van Nederland in een driedimensionaal model hebben gepropt en daarbij ook nog zaken als hoogte, ouderdom en vorm hebben vermeld. Van alle 10 miljoen gebouwen in Nederland!’ En zowel het Reformatorisch Dagblad als het Algemeen Dagblad publiceerden een artikel over een ‘interactieve kaart’ die het ‘bouwjaar toont van alle Nederlandse huizen’.

Tenslotte laat het veelvuldig bevragen van de data zien hoe dit kan helpen bij het verbeteren van de kwaliteit van data met behulp van gebruikers. Wie anders dan een bewoner zelf weet of de data over haar woning klopt. Dus kwamen er vele suggesties ter correctie van het bouwjaar van ‘mijn’ huis. De respondenten werden gewezen op de terugmeldfunctionaliteit in de BAG-viewer van het Kadaster.

Of de correcties het tot daar hebben gehaald, is niet bekend. De suggesties lieten in ieder geval zien hoe gemotiveerd mensen zijn om data over henzelf of hun eigendom te verbeteren (als je het aanbiedt in een toegankelijke interface). De mogelijkheid om op een simpele manier een 3D-model van je eigen woning aan te passen zou daarom te overwegen zijn.

We hebben veel geleerd van deze ervaring. Hierdoor zijn niet alleen onze eigen 3D-activiteiten breed zichtbaar, maar vooral de schat aan geodata – die via overheden in Nederland beschikbaar is. Het heeft ons (nog meer) inspiratie en ideeën gegeven om 3D-data laagdrempelig en simpel beschikbaar te stellen voor ver buiten ons domein.

  1. De 3D BAG service werd ontwikkeld door Balázs Dukai (onderzoeker in onze 3D Geoinformation onderzoeksgroep in Delft). De software en de gegenereerde datasets voor heel Nederland (voor ongeveer 10 miljoen gebouwen) is via de 3D BAG website (3dbag.bk.tudelft.nl) beschikbaar als o.a. WFS en WMS-service, GeoPackage en een CSV-bestand. In GeoInfo 15(5), 2018 schreven we hier een uitgebreid artikel over: 3D-BAG: actueel en landsdekkend. Balázs Dukai, Hugo Ledoux and Jantien Stoter.
  2. parallel.co.uk/netherlands/#13.8/52.365/4.9/0/40

Auteurs

Afbeelding voor Jantien Stoter

Jantien Stoter

Volledige biografie