Ga door naar hoofdcontent
BlogsVeel meer dan anderhalve meter

Veel meer dan anderhalve meter

Maandag 1 juni 2020Afbeelding Veel meer dan anderhalve meter

‘Never waste a good crisis!’ moet men in Brussel gedacht hebben toen ze op 16 april een extra element in een nieuwe verordening stopten. Indien de controles op landbouwsubsidies niet conform de anderhalve meter regels uitgevoerd kan worden, moet men meer gebruik maken van technologie zoals gegeotagde foto (het staat er echt, als iemand een beter woord heeft, dan graag!). Zo’n gegeotagde foto zou dan kunnen aantonen dat er op een bepaalde dag nog niet gemaaid is, of dat een overhangende bomenrij het zicht van boven (satelliet of luchtfoto) op een perceelsrand verhinderd. Als door coronaregels de controleurs niet ter plaatse mogen komen, dan moet de boer(in) zelf zo’n foto maken! Kan de overheid erop vertrouwen dat de juiste zaken op de juiste wijze gefotografeerd worden? Zo’n foto heeft immers economische waarde, als onderbouwing van een subsidieaanvraag of juist als bewijs bij bezwaar tegen kortingen of boetes.

Geotaggen (plaats en tijd) doet men met GPS, of beter: Global Navigation Satellite Systems (GNSS), een politiek correctere term die alle navigatiesystemen omvat. Met GNSS worden ter plaatse ook al percelen nagemeten voor subsidieaanvragen. Ook dit zou je aan de boer (of loonwerker) over kunnen laten, om zijn percelen met GNSS in te meten. Bij de GSA, het Europese GNSS agentschap in Praag, hebben ze daar ook al over nagedacht, vooral om de voordelen van het Europese Galileo te promoten. Galileo heeft namelijk een aantal kwaliteitsborgingen, onder andere om zeker te weten dat je positie met Galileo-satellieten berekend is en niet door een of andere spoofer (vals-signaal generator) [1]. De GSA heeft dat zelfs in een app [2] gestopt waarmee iedereen, ook iedere boer of controleur, percelen kan (na)meten en gegeotagde foto’s kan maken met (jawel!) Galileo nauwkeurigheid. Zo’n app garandeert dat het satellietsignaal onmiskenbaar goed was op het moment van meting. Dan rest er nog één onzekerheid: houdt de boer zijn GNSS ontvanger (smartphone?) op de juiste plaats? Volgt hij/zij de (juiste) definities van een perceelsgrens? En dat laatste is vooral belangrijk voor de koppeling met de BGT, want die definities zijn wel strak, maar niet bepaald landbouwkundig. Bovendien wordt de BGT niet in het veld vastgesteld maar op luchtfoto’s van vorig jaar [3]. En om het tot slot helemaal complex te maken, wil het Ministerie van LNV ook nog de zogenaamde landschapselementen in kaart hebben. Dan krijg je (weer) discussies of een rij bomen een verzameling punten, een lijn of een oppervlak is. En als je een oppervlak op winterluchtfoto’s moet intekenen dan is zo’n boom nog helemaal kaal.

Er kleeft dus waarde aan een goede meting: subsidies, rechten, vergunningen. Daarmee is het cruciaal dat er vertrouwen is dat die metingen en foto’s ook de juiste locatie en tijd hebben. De boer levert zo ook data die zijn ‘rechten’ onderbouwen, net als bijvoorbeeld de beëdigde landmeters in Frankrijk. Het is geweldig dat dankzij corona het vertrouwen in de boer hersteld is (of kan worden?)!

Voor de volledigheid is het goed om te melden dat ‘Brussel’ ook adviseert om meer satellietbeelden te gebruiken, en daarmee kan ook al heel veel gecontroleerd worden, op veel meer dan anderhalve meter afstand.

Gaan boeren massaal jammers, spoofers of exif-editors aanschaffen? Waarschijnlijk niet, maar de mogelijkheid alleen al, is aanleiding voor zorg. Alles wat we kunnen doen om dat vertrouwen te verbeteren helpt. Naast de technische kant met Galileo, kan ook het meervoudig gebruik van grenzen, bijvoorbeeld voor berekening waterschapslasten, voor afsluiten contracten met bijvoorbeeld loonwerkers of afnemers, voor het verzekeren tegen hagel, etc. een grotere garantie vormen dat de grenzen juist zijn.

Kortom: het wordt tijd dat de overheid de boer(in) meer vertrouwen en mogelijkheden geeft om zelf meer gegevens in te meten in het veld. Een goed protocol of beter nog een boeren ‘meet-licentie’ ontbreekt nog om elk jaar de wijzigingen in perceelsgrenzen zelf in te meten en om gegeotagde foto’s toe te voegen om die metingen te ondersteunen. Het is een zegen dat controleurs door corona niet meer langs kunnen (durven) komen. Eindelijk kunnen we het digitaal (geo)werken sterker en breder maken.

‘Never waste a good crisis’ om werkwijzen te veranderen en vertrouwen te vergroten!

Referenties

Afbeelding voor Tamme van der Wal

Tamme van der Wal

Volledige biografie