Ga door naar hoofdcontent
LiteratuurVierde editie ‘Cartography: Visualization of Geospatial Data’

Vierde editie ‘Cartography: Visualization of Geospatial Data’

CategorieBoek bespreking
Datum18/06/2021
Auteurs
Menno-Jan Kraak, Ferjan Ormeling
Afbeelding voor Vierde editie ‘Cartography: Visualization of Geospatial Data’

Onlangs kwam de vierde editie van ‘Cartography: Visualization of Geospatial Data’ uit. De redactie van Geo- Info vroeg Jonna Bosch het boek te recenseren. Jonna: “Natuurlijk! Wat blijkt? Het is een mij welbekend boek. De vierde editie van een standaardwerk recenseren, kan dat? En is het eigenlijk wel een standaardwerk? Ik doe mijn best om het boek met nieuwe ogen te bekijken.”

Ruim van opzet

Het werd beschikbaar gesteld als e-book, dat maakte me in eerste instantie enthousiast. Maar helaas, het e-book is hetzelfde opgemaakt als de fysieke uitgave en dat heeft een fors formaat. Waar dit als boek een uitkomst is, is het als e-book alleen overzichtelijk leesbaar op een groot beeldscherm.

In tegenstelling tot de vrij hermetische lay-out van de vorige edities is deze uitgave ruim opgezet en rijk voorzien van afbeeldingen. Hierdoor komt de inhoud veel beter over. Tekst en afbeeldingen zijn grotendeels gelijk aan de derde editie, maar vormen veel meer een eenheid, waarbij het een grote verbetering is dat alle afbeeldingen nu in kleur zijn. Mooi, want het gaat natuurlijk om de inhoud en die krijgt op deze manier meer diepte.

Kartografie als (totaal)proces

Kartografie is meer dan vormgeving, opmaak en wat kleurkeuzes. Het is een proces. En dat komt erg goed naar voren. Als de vraag niet duidelijk is, de brondata niet de juiste kwaliteit hebben en er niet bij elke analysestap naar de gewenste uitkomst en kwaliteit wordt gekeken, dan maakt een mooie poster als resultaat niks uit.

Dat is ook het hoofddoel van het boek, lees ik in hoofdstuk één. Vertaald luidt dat doel als volgt: “Een overzicht van de rol die kaarten spelen bij de omgang met en verwerking van geodata. Hiervoor is kennis van geodata en de kenmerkende eigenschappen van kaarten en hoe deze ingezet kunnen worden onontbeerlijk. Design is een tweede stap.”

Komt dit hoofddoel uit de verf?

Er wordt ruim aandacht besteed aan de data. Zo begint het met data-acquisitie – hoe kunnen data verkregen worden? Van satelliet tot digitaliseren en community mapping (zoals Open Street Map). Mooi is dat er door het hele boek heen steeds weer naar de kwaliteit in combinatie met het doel wordt gekeken. Bij de brondata – compleet, schaalniveau, resolutie – maar ook en vooral bij de analyse. Welke analysestappen zijn nuttig, is het resultaat kwalitatief juist? En zo niet (bijvoorbeeld als er ‘gaten’ ontstaan), hoe los je dat dan op? Welk kaarttype geeft het beste de vraag weer en welke data en (kartografische) analysemethodes zijn daarvoor nodig?

Duidelijkheid voor alles

De werkelijkheid moet gesymboliseerd worden om begrijpelijk op een kaart weer te geven. In het visualisatie- en communicatieproces moeten steeds keuzes gemaakt worden, zoals de werkelijke locatie of een aggregatie, klassen of een doorlopend verloop. Met diagrammen en voorbeelden worden hiervoor prima handvatten gegeven. In latere hoofdstukken worden deze uitgediept.

Kaartproductie

Het maken en produceren van een kaart wordt slechts in één hoofdstuk behandeld en bevat veel onderwerpen. Van grafische variabelen via typografie naar de kartografische component voor GIS-pakketten en webmap design. Ik vraag me af of al deze belangrijke onderwerpen hiermee wel voldoende worden uitgelegd.

Bij de grafische variabelen staan veel diagrammen tussen de tekst, dit blijft heel lastig te lezen. Meer voorbeelden zouden zeer verhelderend werken. Zo staat er een voorbeeld in waarin met een vlakkenbestand het verschil tussen grijswaarde, grootte en grein/textuur wordt uitgelegd. Bij puntsymbolen of lijnen is het verschil veel beter te begrijpen. Daarnaast wordt het begrip grein uitgelegd, maar wordt dat in de huidige tijd of nabije toekomst nog gebruikt? Het is een lastige variabele, zowel als communicatie in de kaart als om theoretisch te begrijpen.

Verder is de toekomst digitaal, dus zijn vier pagina’s inclusief grote afbeeldingen over web maps en multimedia voldoende? Nee en ja, want er wordt ook op andere plekken in het boek over gesproken. Er is bijvoorbeeld een hoofdstuk Mapping Time – bij uitstek iets om digitale oplossingen voor te maken. Ook in de twee hoofdstukken over kaartgebruik (Maps at work) gaat het veelal om digitale oplossingen. Veel van de visualisatie heeft betrekking op kwantitatieve gegevens, en heeft gelukkig een eigen hoofdstuk: Statistical mapping. Met wat statistiek maar vooral veel duidelijke uitleg en voldoende voorbeelden. Het afsluitende hoofdstuk gaat onder andere over copyright en verouderde data. Zeer belangrijk en wat mij betreft kan dit prima in de eerste hoofdstukken worden opgenomen.

Breed inzetbaar naslagwerk

Terug naar de vraag: is het een standaardwerk? In ieder geval een goed naslagwerk. Ik vind het completer en vooral beter of makkelijker geschreven dan veel introductieboeken over GIS, die qua data en analyse een vergelijkbare inhoud hebben. Het geeft een goede kartografische basis, waarbij het verband met data, analyse en opdracht inzichtelijk blijft. Een pre is ook dat het geheel platform-onafhankelijk is. Alle voorbeelden kunnen met een willekeurig GIS gemaakt worden. Dit maakt het boek breed inzetbaar.

Cartography: Visualization of Geospatial Data, Fourth Edition By Menno-Jan Kraak, Ferjan Ormeling Copyright Year 2021 ISBN 9781138613959 Published July 29, 2020 by CRC Press 261 Pages 220 Color Illustrations Hardback £ 99,99 ( € 112 ) E-book £ 89,99 ( € 101)

Blijf je op de hoogte?

Ben je werkzaam in de geosector of in een aanpalend vakgebied? Of ben je gewoonweg geïnteresseerd in het geo-vakgebied?

Schrijf je nu in voor de GIN nieuwsbrief.

Zo blijf je op de hoogte van alle ontwikkelingen binnen de geo informatie wereld.